Ziektes
Afgaand op de media lijken teken een 'hot item'. Niet voor niets natuurlijk want er kleven serieuze gevaren aan een bezoek van een teek. Er wordt flink gestrooid met termen en ziektes die je kunt oplopen door deze lastpak, maar wat houden deze nu eigenlijk in?
Hilken Tiggeloven, bioloog en wetenschapsjournaliste, heeft hieronder op ons verzoek de meest voorkomende ziektes in begrijpelijke taal uitgelegd.
De ziektes die worden behandeld zijn:
- Lyme
- Babesiose
- Ehrlichiose
- Fièvre boutonneuse
- Tekenenchephalitis
Hilken Tiggeloven, bioloog en wetenschapsjournaliste, heeft hieronder op ons verzoek de meest voorkomende ziektes in begrijpelijke taal uitgelegd.
De ziektes die worden behandeld zijn:
- Lyme
- Babesiose
- Ehrlichiose
- Fièvre boutonneuse
- Tekenenchephalitis
Lyme
De bekendste ziekte die door teken overgebracht wordt, is de ziekte van Lyme. Borrelia burgdorferi, een spiraalvormige bacterie, is de veroorzaker hiervan. Gemiddeld zijn ongeveer 23,5% van de teken besmet met deze bacterie, in risicogebieden zelfs tot 50%.
In de darmen van de teek Ixodus ricinus vermeerdert Borrelia zich. Nadat deze teek zich vastgezogen heeft aan zijn slachtoffer, dringen de bacteriën het lichaam binnen. Meestal gebeurt dat pas 24 uur na de beet. Verwijder je dus de teek binnen 24 uur dan is de kans op besmetting met Borrelia erg klein.
Wanneer er wel besmetting plaatsvindt, zullen de bacteriën zich verspreiden onder de huid en via bloed- of lymfebanen. Ze kunnen het afweersysteem in eerste instantie omzeilen, waardoor ze bij de verschillende organen kunnen komen.
Zolang Borrelia nog in de bloedbaan zit, is het redelijk eenvoudig om het te bestrijden met een antibioticum. Het is dan nog mogelijk om het via verschillende testen aan te tonen. Maar op een gegeven moment trekt het zich terug uit de bloedbaan. Het nestelt zich in weefsels, zoals de huid, gewrichten en het centrale zenuwstelsel. Hier kan Borrelia vervolgens jarenlang overleven. En is het erg moeilijk te bereiken voor het immuunsysteem en antibiotica. Ook het immuunsysteem zelf kan aangetast worden.
Kenmerkend voor de ziekte van Lyme is de erythema migrans. Dit is een rode vlek/ kring rondom de tekenbeet. Toch krijgt niet iedereen die met Lyme besmet is deze huidaandoening. De rode kring kan na 3 dagen tot 3 maanden ontstaan. Samen met de rode kring, maar ook zonder die kring, kan er een complex aan ziekteverschijnselen ontstaan. Meestal krijg je na enkele weken griepachtige verschijnselen, zoals koorts, hoofdpijn, spier- en gerichtspijn, vermoeidheid en zwelling van lymfeklieren.
De ziekte van lyme verloopt van mild tot zeer ernstig. Dit is vooral afhankelijk van het stadium waarop de behandeling wordt ingesteld en het succes van de behandeling. Het is erg goed te behandelen met antibiotica (bijv. doxycycline) als je er op tijd bij bent. Wanneer je na het verschijnen van de rode kring meteen begint, zul je in principe geen ziekteverschijnselen krijgen. Ook bij afwezigheid van de vlek kun je lyme aantonen door op de antistoffen te testen.
Toch komt het erg vaak voor dat de ziekte van lyme niet aan te tonen is, doordat de erythema migrans en de antistoffen ontbreken. Daarnaast zijn veel van de symptomen niet specifiek voor Lyme, die komen ook bij andere ziektes voor. Het ziektebeeld wordt daarom vaak niet herkend als de ziekte van Lyme. Hierdoor wordt er geen actie ondernomen, geen behandeling, met alle gevolgen van dien. Soms openbaart de ziekte zich pas jaren na de tekenbeet. Het is dan vrij moeilijk om een verband te leggen tussen de beet en de symptomen. Ook dit komt de behandeling niet ten goede.
Wanneer er niet tijdig of helemaal niet behandeld wordt, kan lyme verergeren. Er zullen vooral ziekteverschijnselen ontstaan in het zenuwstelsel (neuroborreliose), in de gewrichten (lymeartritis) en af en toe in het hart. Symptomen zijn vermoeidheid, artritis (ontsteking van gewrichten), pijnlijke en stijve gewrichten, hartritmestoornissen en neurologische aandoeningen (verlammingsverschijnselen, hersenvliesontsteking).
In de verder gevorderde stadia is lyme erg moeilijk te behandelen. In veel gevallen zal het chronisch worden. In een enkel geval leidt de ziekte van lyme tot een sterfgeval.
Er bestaat geen vaccin tegen de ziekte.
Toch komt het erg vaak voor dat de ziekte van lyme niet aan te tonen is, doordat de erythema migrans en de antistoffen ontbreken. Daarnaast zijn veel van de symptomen niet specifiek voor Lyme, die komen ook bij andere ziektes voor. Het ziektebeeld wordt daarom vaak niet herkend als de ziekte van Lyme. Hierdoor wordt er geen actie ondernomen, geen behandeling, met alle gevolgen van dien. Soms openbaart de ziekte zich pas jaren na de tekenbeet. Het is dan vrij moeilijk om een verband te leggen tussen de beet en de symptomen. Ook dit komt de behandeling niet ten goede.
Wanneer er niet tijdig of helemaal niet behandeld wordt, kan lyme verergeren. Er zullen vooral ziekteverschijnselen ontstaan in het zenuwstelsel (neuroborreliose), in de gewrichten (lymeartritis) en af en toe in het hart. Symptomen zijn vermoeidheid, artritis (ontsteking van gewrichten), pijnlijke en stijve gewrichten, hartritmestoornissen en neurologische aandoeningen (verlammingsverschijnselen, hersenvliesontsteking).
In de verder gevorderde stadia is lyme erg moeilijk te behandelen. In veel gevallen zal het chronisch worden. In een enkel geval leidt de ziekte van lyme tot een sterfgeval.
Er bestaat geen vaccin tegen de ziekte.
Ook honden en katten kunnen de ziekte van lyme krijgen. Dit komt wel minder vaak voor dan bij mensen. De meeste honden en katten die gebeten worden door een geïnfecteerde teek zullen niet ziek worden. Bij de dieren die wel ziek worden, kunnen de volgende symptomen voor komen: sloomheid, koorts, gewrichtsklachten, gedragsverandering, neurologische verschijnselen (bijv. epileptische aanvallen), nierinfecties en ontsteking aan het hart.
Er kunnen co-infecties optreden met andere ziektes die door teken worden overgebracht. Zo kun je bijvoorbeeld tegelijkertijd besmet worden met lyme, Babesiose en Ehrlichiose. Deze ziektes kunnen elkaar versterken, waardoor je nog zieker wordt.
Naast de ziekte van Lyme kunnen teken dus ook andere ziektes overbrengen. Zoals bijvoorbeeld Babesiose, Ehrlichiose, Fièvre boutonneuse en tekenencephalitis.
Babesiose
Babesiose is een ziekte die door de bloedparasiet Babesia veroorzaakt wordt. Het komt voornamelijk bij honden voor, maar ook mensen kunnen ermee besmet raken. Babesia is een eencellige diertje dat zich nestelt in de rode bloedcellen (die zorgen voor het zuurstoftransport). Daar ontwikkelt en vermenigvuldigt het zich. De bloedcellen barsten open en zo vernietigt de parasiet de geïnfecteerde rode bloedcellen. Er ontstaat een massale bloedafbraak en hierdoor treedt er bloedarmoede op. Ook de nierfunctie en de lever kunnen aangetast worden. Het ziektebeeld lijkt veel op malaria.
Symptomen van Babesiose zijn: uitputting, koorts, rillingen, misselijkheid, diarree, rode/ bruingekleurde urine (= bloed in urine), hoofdpijn, geen eetlust en een stijve nek/ rug.
De tijd tussen de besmetting met de parasiet en het uitbreken van de ziekte is zo'n 1 à 3 weken. Zonder therapie herstellen gezonde mensen meestal binnen 2 tot 3 weken volledig.
Symptomen van Babesiose zijn: uitputting, koorts, rillingen, misselijkheid, diarree, rode/ bruingekleurde urine (= bloed in urine), hoofdpijn, geen eetlust en een stijve nek/ rug.
De tijd tussen de besmetting met de parasiet en het uitbreken van de ziekte is zo'n 1 à 3 weken. Zonder therapie herstellen gezonde mensen meestal binnen 2 tot 3 weken volledig.
Bij mensen met een verminderde afweer of een afweerstoornis kan Babesiose wel gevaarlijk zijn. De bloedafbraak kan zo groot zijn, dat zij er aan kunnen overlijden. Daarom is het noodzakelijk dat zij antibiotica krijgen, soms in combinatie met wisseltransfusie. Ongeveer na 7-10 dagen is dit effectief. Dit ernstige ziektebeloop is vooral mogelijk bij ouderen, mensen zonder milt, met een HIV infectie, bij een gelijktijdige borrelia-infectie en bij mensen die corticosteroïden gebruiken.
Ook voor honden is de Babesia parasiet heel erg gevaarlijk. Net zoals bij mensen worden de rode bloedcellen afgebroken en de nierfunctie aangetast. Als er niet tijdig wordt ingegrepen, kunnen ze er aan overlijden.
Ook voor honden is de Babesia parasiet heel erg gevaarlijk. Net zoals bij mensen worden de rode bloedcellen afgebroken en de nierfunctie aangetast. Als er niet tijdig wordt ingegrepen, kunnen ze er aan overlijden.
Er zijn verschillende teken die de Babesia parasiet over kunnen brengen. De bekendste en meest voorkomende teek is Ixodus ricinus (schapenteek). Deze teek kan ook ziekte van Lyme (Borrelia bacterie) overbrengen. Het is dus mogelijk dat je tegelijkertijd besmet kunt raken met zowel de Babesia parasiet en de Borrelia bacterie. Bij zo'n dubbelinfectie kunnen beide ziektebeelden veel ernstiger verlopen. Babesia kan er voor zorgen dat het immuunsysteem sterk vermindert en daar maakt Borrelia handig gebruik van.
Een andere teek dat Babesia kan overbrengen is Dermacentor reticulatus. Deze teek heeft bij mensen de voorkeur om zich op de hoofdhuid te nestelen. Vooral de honden zijn het slachtoffer van de Dermacentor teek.
Ehrlichiose
Ehrlichiose is een ziekte dat voornamelijk bij dieren (honden, paarden) voorkomt, maar ook mensen kunnen ermee geïnfecteerd raken. De bacterie Ehrlichia is de veroorzaker van deze ziekte en zowel de Ixodus als de Dermacentor teek kunnen het bij zich dragen. Ehrlichia vestigt zich in de witte bloedcellen en via de bloedbaan kunnen ze bij de verschillende organen komen. De witte bloedcellen zorgen voor het immuunsysteem en door de aantasting van deze cellen vermindert de weerstand. In het beenmerg, de lymfeklieren en in andere organen kunnen ontstekingsreacties voorkomen.
De symptomen van Ehrlichiose zijn: zware hoofdpijn, koorts, braken, rillingen, geen eetlust, spierpijn en spierkrampen. Het ziektebeeld lijkt op griep. Er kunnen secundaire ziektes optreden ten gevolge van het tekort aan witte bloedcellen. Door de verminderde weerstand hebben namelijk andere bacterie- en schimmelinfecties meer kans. Ook leverfunctie-, nierfunctie- en stollingsstoornissen komen frequent voor en het centrale zenuwstelsel kan aangetast worden (patiënt is dan verward).
De symptomen van Ehrlichiose zijn: zware hoofdpijn, koorts, braken, rillingen, geen eetlust, spierpijn en spierkrampen. Het ziektebeeld lijkt op griep. Er kunnen secundaire ziektes optreden ten gevolge van het tekort aan witte bloedcellen. Door de verminderde weerstand hebben namelijk andere bacterie- en schimmelinfecties meer kans. Ook leverfunctie-, nierfunctie- en stollingsstoornissen komen frequent voor en het centrale zenuwstelsel kan aangetast worden (patiënt is dan verward).
Ehrlichiose kan mild tot zeer ernstig verlopen. Na een ziekte van enkele dagen kan een spontaan herstel optreden, soms worden patiënten ernstig ziek. Vooral voor ouderen en mensen met een verminderde afweer is het gevaarlijk. En ook bij honden moet tijdig de diagnose gesteld worden. De meeste honden herstellen goed als ze op tijd behandeld worden. Bij een onjuiste of geen behandeling kan de ziekte een chronisch verloop krijgen en soms zelfs een dodelijk afloop.
Bij het stellen van een diagnose wordt niet altijd aan ehrlichiose gedacht, maar aan de ziekte van Lyme. De behandeling hiervoor is echter ook effectief voor ehrlichiose. Beide zijn goed te behandelen met de antibiotica doxycycline of tetracycline. Dubbelinfecties van Borrelia en Ehrlichia komen ook voor.
Fièvre boutonneuse
De Rickettsia bacterie kan de ziekte Fièvre boutonneuse veroorzaken. De teek Rhipicephalus sanguineus brengt deze bacterie over op mens of dier. Rickettsia kan zich in de cellen van de gastheer handhaven en vermenigvuldigen.
Op de plaats waar de teek heeft gebeten ontstaat een zweertje en na vier tot vijf dagen ontstaan er rode vlekken op het lichaam, meestal begint dit bij de handpalmen en de voetzolen. Ongeveer zeven dagen na de besmetting breekt de ziekte uit door middel van koorts, rillingen, pijnlijke spieren en gewrichten en hoofdpijn. De koorts kan enkele dagen tot 2 weken duren.
Meestal is het ziektebeeld niet ernstig en geneest het in de regel normaal.
Op de plaats waar de teek heeft gebeten ontstaat een zweertje en na vier tot vijf dagen ontstaan er rode vlekken op het lichaam, meestal begint dit bij de handpalmen en de voetzolen. Ongeveer zeven dagen na de besmetting breekt de ziekte uit door middel van koorts, rillingen, pijnlijke spieren en gewrichten en hoofdpijn. De koorts kan enkele dagen tot 2 weken duren.
Meestal is het ziektebeeld niet ernstig en geneest het in de regel normaal.
De bacterie verdwijnt snel na behandeling met antibiotica. Het is gevoelig voor antibiotica, zoals doxycycline en tetracycline.
Tekenenchephalitis
Tekenenchephalitis (TE) kan overgebracht worden door het flavivirus. Er zijn verschillende benamingen voor TE die afhankelijk zijn van de plaats en het seizoen waarin het voorkomt.
De verschillende subtypes zijn: FSME (Frühsommer Meningo Enchephalitis), CEE (Central European Encephalitis), RSSE (Russian Spring Summer Encephalitis).
De verschillende subtypes zijn: FSME (Frühsommer Meningo Enchephalitis), CEE (Central European Encephalitis), RSSE (Russian Spring Summer Encephalitis).
Nadat een Ixodus teek het virus in het lichaam heeft gebracht, verspreidt het zich eerst via de lymfeklieren. Het virus gaat zich gaan vermenigvuldigen en zal proberen om het zenuwstelsel te bereiken. Bij de ernstig zieken heeft het het zenuwweefsel aangetast en is er een ontstekingsreactie (zwelling, stuwing, bloeding) ontstaan. Met als gevolg nog meer schade aan het zenuwweefsel.
De ziekte kan mild tot zeer ernstig verlopen. Dit is afhankelijk van het subtype, waarmee je bent geïnfecteerd. RSSE is ernstiger dan de andere soorten.
Meestal verloopt de infectie zonder verschijnselen. Bij een deel ontstaan er ongeveer 1 tot 2 weken na de beet griepachtige verschijnselen, zoals koorts, misselijkheid, braken en hoofdpijn. De klachten houden ongeveer 5 tot 10 dagen aan.
Bij een aantal van de patiënten ontstaan er ergere klachten. Het centraal zenuwstelsel kan aangetast worden; de hersenen kunnen ontstoken raken. Er kunnen verlammingsverschijnselen ontstaan of een hersenvliesontsteking. In 3-20% van de gevallen is er mogelijk blijvend letsel en in een aantal gevallen overlijdt de patiënt.
Meestal verloopt de infectie zonder verschijnselen. Bij een deel ontstaan er ongeveer 1 tot 2 weken na de beet griepachtige verschijnselen, zoals koorts, misselijkheid, braken en hoofdpijn. De klachten houden ongeveer 5 tot 10 dagen aan.
Bij een aantal van de patiënten ontstaan er ergere klachten. Het centraal zenuwstelsel kan aangetast worden; de hersenen kunnen ontstoken raken. Er kunnen verlammingsverschijnselen ontstaan of een hersenvliesontsteking. In 3-20% van de gevallen is er mogelijk blijvend letsel en in een aantal gevallen overlijdt de patiënt.
Er is geen behandeling mogelijk, alleen de symptomen zijn te behandelen. Vaccinatie is wel mogelijk.
Tekst geschreven door: drs. Hilken Tiggeloven
Niets hiervan mag worden vermenigvuldigd zonder voorafgaande toestemming van de auteur.
Niets hiervan mag worden vermenigvuldigd zonder voorafgaande toestemming van de auteur.



